De ministers van de Taalunie voor het eerst opnieuw fysiek samen

  • 29 juni 2021

De bibliotheek van het Museum voor Hedendaagse Kunst in Antwerpen (M HKA) vormde op maandag 28 juni 2021 het decor voor de eerste fysieke bijeenkomst van het Comité van Ministers van de Taalunie sinds het begin van de coronapandemie. In de inspirerende omgeving van de tentoonstelling “Vandaag zal eindigen” van de Indiase kunstenares Shilpa Gupta zetten de Vlaamse ministers Weyts en Jambon en hun Nederlandse collega Van Engelshoven de bakens uit voor toekomstgerichte initiatieven om opleidingen Nederlands sterker te maken, taalcompetentie te verbeteren en taalgebruikers en taalprofessionals beter te ondersteunen.

Vanuit Paramaribo sloot ook Surinaams minister van onderwijs Marie Levens online aan bij de vergadering. Suriname is een geassocieerd lid van de Taalunie, en kan betrokken worden bij de werkzaamheden van de organisatie wanneer beide partijen dat nuttig en mogelijk achten. Op basis van het meerjarenbeleidsplan 2020-2024 formuleerde de Taalunie een aantal concrete voorstellen voor activiteiten voor en in Suriname. Minister Levens lichtte toe waar Suriname de komende jaren belang aan hecht.

Tijdens de vorige bijeenkomst gaf het Comité van Ministers de opdracht om na te denken over de dalende studentenaantallen van de opleidingen Nederlands. Het Algemeen Secretariaat schreef, samen met vertegenwoordigers uit de sector, een visietekst en een actieplan voor een slagvaardige en toekomstbestendige neerlandistiek. De tekst beschrijft de actiepunten die nodig zijn opdat de neerlandistiek nog meer een slagvaardig en toekomstbestendig wetenschapsdomein zou kunnen zijn. Die actiepunten zullen nu verder worden onderzocht met overheidsdiensten uit Nederland en Vlaanderen.

De Taalunie vervulde de afgelopen jaren een verbindende rol binnen het taalgebied op het vlak van lezen in al zijn dimensies: effectief leesonderwijs, leesbegrip en leesplezier. Daaraan wordt verder gebouwd, maar tegelijk betekent dat niet dat andere taalcompetenties in de schaduw komen te staan. Te veel leerlingen in Vlaanderen en Nederland behalen de voornaamste doelstelling van het schrijfonderwijs niet, met name de vaardigheid om goed geschreven, helder gestructureerde en duidelijk beargumenteerde teksten te schrijven. Schrijven is nochtans een competentie die nauw samenhangt met lezen. Meer nog: beide competenties versterken elkaar. De Taalraad Begrijpend Lezen wordt daarom omgevormd tot een Raad Taalcompetentie die een advies zal formuleren over schrijven vanuit taalkundige, onderwijskundige en maatschappelijke invalshoek.

Naar aanleiding van de recente lancering van de elektronische editie van de Algemene Nederlandse Spraakkunst (e-ANS) lichtte de algemeen secretaris ook toe hoe de Taalunie, samen met andere belangrijke partners zoals het Instituut voor de Nederlandse Taal, op verschillende manieren ondersteuning biedt voor taalprofessionals en taalgebruikers. De website taaladvies.net met een antwoord op vele concrete vragen over taal en spelling krijgt op 9 september een nieuw kleedje, en ook de e-ANS, waar taalprofessionals terechtkunnen voor een gedetailleerde beschrijving van onze taal, wordt geleidelijk doorontwikkeld, met op 6 juli de lancering van een nieuw hoofdstuk over de klankleer van het Nederlands.

De vergadering sloot af met een terugblik en een vooruitblik. Het jaarverslag rapporteerde over het bijzondere coronajaar 2020, met de uitreiking van de ZorgVoorZorgPrijs als recente uitloper. Vooruitgeblikt werd er op de Week van het Nederlands, met een focus op het Nederlands wereldwijd, en op de uitreiking, medio oktober, van de Prijs der Nederlandse Letteren aan de Surinaams-Nederlandse auteur Astrid Roemer door de Belgische koning Filip.

Bron: Taalunie.org
Foto:
©Frank Bahnmüller